Categoriearchief: Tai chi

takkengewichten

In mijn geliefde Heumensoord ben ik dus vaak bezig met gewichten en takken.

Een van de erg leerzame oefeningen is het uitvoeren van “The Beginning” met een vuist dikke tak van ongeveer 2 meter in mijn handen. (bovengreep)

Na zo’n 6 keer begint het toch wel een beetje zwaar te worden en ontkwam ik er niet aan om mijn ademhaling te hulp te roepen. Liften op een uit-ademing. Beetje harde kracht gekreun a la sportschool wordt het dan. Dat gaat dan nog wel zo’n 6 keer. Maar dan wordt het éch zwaar…En tijd om het ” ‘I ” te hulp te roepen: ademhaling, bewustzijn en intentie. Besluit dan om je ademhaling om te draaien, en te liften op een inademing. Er gebeuren dan een aantal dingen: ten eerste zuig je als het ware je handen en de tak omhoog (pas op dat je dan niet met de tak tegen je eigen hoofd slaat ! 😉 ); vervolgens is het tegelijk alsof je richting je voeten gaat: op een inademing is het natuurlijker zinken: en ook daar put je extra (zachte) kracht uit. Ik noem dat vaak de Pacha Mama (moeder aarde) kracht; en dan kun je je alleen nog maar verbazen dat het heffen spelen is geworden dat net zo lang door kan gaan als je er lol in hebt….

Ik hoop dat je je hebt laten verleiden om het bos in te gaan en t’ai chi te doen met behulp van wat het bos biedt….

Dynaband en T’ai Chi.

Bij het uitvoeren van de verschillende postures van de T’ai Chi vormen speelt ervaring en veel oefenen een grote rol. Het bestuderen van de klassieken is daarbij natuurlijk erg belangrijk. Zelf beoefen ik de Yang stijl volgens Chen Man Ch’ing vanaf 1980. En ik meende dat ik een en ander goed begrepen had. Hoewel ik hier en daar toch met de nodige vraagtekens bleef zitten. Zoals daar was de klassieke uitspraak: “beweeg als een molensteen”.

Laten we als voorbeeld eens nemen “Lan Ch’ueh Wei, Lu” oftewel de “Roll Back”. In deze 4e van de acht basisbewegingen trek je (iemand) terug waarbij de mogelijkheid ontstaat om (deze) naar links achter-beneden weg te werpen. Jarenlang verplaatste ik daarbij mijn gewicht van 70% in het voorste been naar 100% in het achterste, waarbij ik tegelijk naar links draaide. Je ervaart dan een soort krukkentrekkende beweging linksom in het linkerbeen.

(een zij-opmerking: ik maak onderscheid tussen: alleen gewicht verplaatsen, alleen draaien of gewicht verplaatsen en draaien tegelijkertijd) Dat voelde goed. Al die jaren kon ik me goed voorstellen dat ik echt iemand naar beneden en naar linksachter trok……

Toen ging ik sporten op een sportschool waar ze een Kinetic wall hebben. Dat is een ding, waarbij je alle t’ai chi postures kunt uitvoeren met echt gewicht in plaats van louter je eigen voorstellingsvermogen. Ik probeerde de roll back met 35 kilo. En het lukte absoluut niet. Wat deed ik fout? Ik verlaagde het gewicht naar 10 kilo. En ook dat was moeilijk. Het bleek dat gewichtverplaatsing en draai tegelijkertijd geen (zachte) kracht gaf. Als ik mijn spieren maar flink spande, ging het wel, maar dat is echt geen t’ai chi meer….Maar: als ik mij eerst in het achterste been liet zinken, en dan pas draaide: fluitje van een cent. Omhoog dus naar 35 kilo: fluitje van een cent. Pas toen werd me echt duidelijk wat het betekent: draai als een molensteen. Een molensteen draait om zijn as, en deze as verplaatst zich daarbij niet!

Dat was een ervaring die ik beslist in mijn lessen door wilde geven. Een kinetic wall is voor mij echter onbetaalbaar…Maar wat bleek: met een goedkope dynaband kan het ook! Je bepaalt (en dat gaat ook op voor alle andere postures) van waar naar waar de energetische kracht (= niet spierkracht!) heen moet, en in het tegengestelde verlengde daarvan laat je iemand een dynaband vast houden of op de grond vastdrukken met een voet, of ingeval naar meerdere richtingen meerdere dynabands tegelijkertijd. (dat laatste bijvoorbeeld bij brush left knee met tegelijkertijd een duw met rechterhand). De beoefenaar bind de dynaband om de pols, of houdt deze vast (wat een beetje jammer is, omdat je dan handspierkracht moet gebruiken) en voert de posture uit. Het helpt op een heel simpele manier meer inzicht te verkrijgen over hoe je dat het beste kunt doen.

En als je dan toch met die dynabands bezig bent: er zijn ongelooflijk veel leuke spelletjes te bedenken. Eentje geef ik alvast: 4 mensen, 2 banden. Per stel loop je zover mogelijk achteruit, waarbij de 2 banden elkaar in het midden kruisen. De banden rekken dan maximaal uit, en komen onder flinke spanning te staan. Een vijfde persoon telt af en allen proberen tegelijk de band los te laten. Kijk wat er gebeurt! Overigens zijn dynabanden heel vriendelijk zacht. Je voelt het nauwelijks als hij tegen je aankomt!

Veel plezier en ontdekkingen!